In gesprek met… Ed van Rosmalen

Marianne en Ed Rosmalen in lijstje‘Bosch-hype irriteert me ook een beetje’

Iedereen zal ze onderhand wel kennen; de kleine beeldjes die lijken te zijn ontsnapt uit de schilderijen van Jeroen Bosch. Maar wat waarschijnlijk niet elke Bosschenaar weet, is dat ze van ‘eigen bodem’ zijn; ontworpen en geproduceerd door  Ed van Rosmalen.
ed van rosmalen- beeldjes

Zeventien jaar geleden ontwierp hij zijn eerst ‘Bosch-in-3D’: het was Vogel met brief uit de ‘Verzoeking van de Heilige Antonius’ (te zien in het museum van Lissabon; helaas niet op de expositie in Den Bosch).
Vanwege het Jeroen Boschjaar kwamen er dit jaar in één klap nog drie nieuwe uit: Dansers met uil; Vogel in blauw ei en de Paradijsfontein, alle uit het beroemde drieluik Tuin der Lusten.

Dat brengt het totaal van deze bijzonder leuke collectie op dertig. Maar Vogel met brief blijft onverminderd het meest populair.

Het Jeroen Boschjaar zal vast een flinke boost aan zijn verkoop hebben gegeven, opper ik als ik Ed bezoek in zijn bedrijf Parastone aan de Zandzuigerstraat. Dat valt volgens hem reuze mee. Natuurlijk worden er nu meer beeldjes besteld dan ooit. “Maar ze zijn slechts een klein deel van mijn omzet. Ik verkoop ze vooral aan museumwinkels, ook in het buitenland. Het is pocket-art : Bezoekers kunnen het makkelijk meenemen: de beeldjes zijn niet te groot en niet te duur.”

Ed is telg van de kunstenaarsfamilie Van Rosmalen. Zijn grootvader Jan nam in 1924 kunsthandel Borzo over. Zijn vader Klaas die beeldhouwer was – hij maakte een aantal grote beelden in de openbare ruimte zoals het standbeeld van Vincent van Gogh in Nuenen – richtte in 1963 Parastone op dat nu door Ed wordt geleid.

Ik stuit er direct op een vitrinekast met alle dertig Bosschiaanse beeldjes. In de showroom herken ik ook figuren uit schilderijen van kunstenaars als Dali en Magritte. Een bijna levensgrote uitvoering van het danseresje van Edgar Degas groet bescheiden.
Miniatuur modellen uit de strip Suske en Wiske staan schouder aan schouder met  Tom Poes en Ollie B. Bommel. Wat verderop speelt het uit zwarte muzikanten bestaande jazzorkest! Dat is dus ook van Van Rosmalen? Sterker nog: “Daarmee kwam onze doorbraak, in 1987 als ik me niet vergis”, vertelt de ontwerper.

Sindsdien is Parastone flink gegroeid, merk ik als we samen via de bedrijfshal -groot maar aangenaam warm- doorlopen naar zijn kantoor. Maar vandaag richten we ons op zijn Jeroen Bosch-collectie. Prachtige beeldjes, zeer gedetailleerd uitgevoerd. “Ze worden met de hand beschilderd, dat moet wel. Het kan niet anders”, legt hij uit.

Het ontwerpen doet hij zelf. De fantasievolle figuren uit het brein van Jeroen Bosch lijken me daarbij een dankbaar onderwerp. En dat klopt. “Want lang niet alles in een  schilderij leent zich  voor een driedimensionale uitvoering”, licht Ed toe. “Het Melkmeisje van Vermeer bijvoorbeeld zou in 3D al gauw op een soort van Barbiepop gaan lijken. Terwijl Vogel met brief  er dan nog gewoon leuk uitziet.”

ed van rosmalen zelfHet eerste karakter maakt hij altijd zelf. “Ik zet het grof in klei op, om te zien of het aan alle kanten leuk is. De achterkant bijvoorbeeld moet ik er dikwijls zelf bij verzinnen omdat je die op een schilderij vaak niet ziet.”
Van Rosmalen zit uren gebogen over een figuur van Bosch tot het werk helemaal naar zijn zin is. Maar met het Jeroen Boschjaar heeft hij niet zoveel, bekent hij.

“De Bosch-hype irriteert me een beetje”, klinkt het uitdagend. “Ik bespeur een neiging van de stad om het belang van Bosch te overschatten. In de National Gallery in Londen die de Doornen kroning heeft, worden veel Bosch-beeldjes verkocht. Maar nauwelijks aan Engelsen. Die kennen Bosch amper. Dat geldt ook voor de meeste Amerikanen.”

Wie weet brengt juist de hype van dit jaar daar enige verandering in. Aan de wereldwijde publiciteit die de expositie met zich meebrengt, zal het niet liggen.

Toch heeft Ed van Rosmalen méér met Bosch van doen dan alleen vanwege zijn Bosschiaanse beeldjes die momenteel de winkels uitvliegen…. In het huis aan de Koningsweg waar hij met zijn gezin woont, woonde in de jaren zestig niemand minder dan fotograaf Frans Kuit, bevriend met Ton Frenken. Vijftig jaar later woont Van Rosmalen daarmee op de plek waar het idee is ontstaan voor de eerste expositie rond Jeroen Bosch in 1967.