In gesprek met… burgemeester Ton Rombouts

Lijstje Marianne in gesprek met Rombouts2De verzoeking van
Antonius Rombouts

De tentoonstelling Visioenen van een Genie is zonder twijfel het hoogtepunt van het Jeroen Boschjaar.

En het finest hour voor burgemeester Ton Rombouts, die ooit met dit idee op de proppen kwam. ‘Kansloos!’ werd er geroepen. Mooi niet: vrijdag staat hij naast koning Willem Alexander, die de expositie in het Noordbrabants museum opent.

rombouts

Start van het Jeroen Boschjaar

Museum Boijmans van Beuningen wijdde in 2001 een grote tentoonstelling aan Jheronimus Bosch. Rombouts, toen al vijf jaar burgemeester van Den Bosch, vond dat er in zijn stad ook wat moest gebeuren. “Eigenlijk is dat al een klein Boschjaartje geweest met iets van zestig activiteiten. Veel mensen weten dat niet meer. In die periode is ook mijn droom ontstaan om als Den Bosch flink uit te pakken in 2016, het jaar waarin Bosch vijfhonderd jaar dood zou zijn. En alle werk van Jeroen Bosch nog één keer terug te halen naar de stad waar hij het schilderde. Al is het maar voor een maand.”

Niet alle schilderijen van Bosch komen naar de stad, maar met twintig van de vijfentwintig schilderijen en nog eens twintig tekeningen kan Rombouts tevreden zijn. Hoewel zijn favoriet er niet bij is. Deze ‘Verzoeking van de heilige Antonius’ blijft in Lissabon.

Aan Rombouts ligt het niet, integendeel. “Acht jaar geleden ben ik er aan begonnen, samen met Charles de Mooij. Maar dit is ons niet gelukt. Het Prado in Madrid wel, daar hangt het vanaf mei. Ik heb later Barosso, die toen voorzitter van de Europese Commissie was, nog verzocht een goed woordje voor ons te doen in Lissabon. Dat heeft hij gedaan, een gesprek van anderhalf uur. Maar dat hielp ook niet.” Balen? “Nee”, zegt Rombouts. “Ik ben verslingerd aan de cultuur in onze stad, ‘mister culture’ noemen ze me in Brussel. Maar van huis uit ben ik sportfreak. Ik wil de lat hoog leggen, gaan voor het maximale. Wordt het dan iets minder, dan is dat jammer.”

 

Net als in 1967, bij de grote Bosch-expositie van toen, bestond ook nu grote twijfel over de haalbaarheid van de droom van Rombouts. “Journalist Paul Kriele belde direct met musea met werken van Bosch, die zeiden stuk voor stuk het ons nooit te zullen lenen.”

Dat het toch is gelukt, komt volgens Rombouts omdat hij een ‘neusje voor citymarketing’ heeft. Overal waar hij kwam, strooide hij met cadeautjes die iets van doen hadden met Jeroen Bosch. “Voor speciale gelegenheden had ik een mooi boek over de kunstenaar. Daar heb je hem weer, met zijn boek. Maar ineens was het op. Dat kon niet! Ik had het nodig. Nog zeker tien jaar!”, riep Rombouts, die de (begin dit jaar overleden) uitgever Jos van der Ven zover kreeg dat er een nieuwe druk kwam.

imgres-1Met het onderzoeks- en restauratieteam van Jos Koldeweij had Den Bosch natuurlijk een stevige troef in handen. Ook Charles de Mooij ging de wereld over om bij diverse musea schilderijen van Bosch los te peuteren. “Toen ik hem onlangs sprak, zei hij: had maar een ander klusje voor me verzonnen. Hier ben ik oud en grijs van geworden”, zegt Rombouts. “Dat hij enorm heeft afgezien, snap ik. Maar ja: zoiets maak je maar eens in je leven mee”.

Onder leiding van Ad ’s Gravesande worden er al sinds 2010 al activiteiten georganiseerd rond het 500e sterfjaar van Bosch. ‘Te elitair, te duur’ werd er gemopperd in de stad. Rombouts stuurde bij: “De Wonderlijke Klim, de nieuwe vaartocht: daar heb ik de hand in gehad.” Maar de teugels heeft hij laten vieren. “Als bij een kind dat leert lopen. Op een gegeven moment kun je het als ouder niet meer bijbenen.”

herontdekteBoschEn dan de ontdekking van een ‘nieuwe Bosch’, in de kelders van een museum in Kansas, aan de vooravond van de expositie. “Dat was uit stads-promotioneel oogpunt natuurlijk geweldig”, zegt hij. Is dat waar hij het voor doet, de promotie van de stad? “Den Bosch is een mooie oude stad, de moeite van een bezoek waard. Die boodschap wil ik uitdragen. En 2016 wordt een leuk jaar. Maar ik hoop dat in 2017 blijkt dat de stad er ook sterker van is geworden. Op cultureel, economisch én sociaal vlak. Er zijn zo’n honderd activiteiten, honderden vrijwilligers en duizenden mensen die inspiratie vinden bij Bosch en bij elkaar. Dat is sociale winst. En ik hoop dat ze niet alleen feesten, maar ook tijd hebben voor lezingen en theater over de thematiek van Bosch: het goede en het kwaad. Een tijdloos maar actueel thema. Kijk maar naar de vluchtelingencrisis, de bankencrisis.”

Mooie woorden van de burgemeester, maar vooralsnog beschouwen veel Bosschenaren het Jeroen Boschjaar nog steeds als een elitair feestje dat niet voor hen bestemd is. Onzin, stelt Rombouts: “Bosschenaren zitten op de eerste rij. Veel dingen zijn gratis, zoals een filmvoorstelling op huizen aan de Markt. Voor 7 euro beklim je de Sint-Jan. Er zijn wandelroutes, een spektaculaire vaarroute. Het wordt geweldig! Maar dan moet je er wel voor naar buiten komen, er open voor staan.”

De expositie Jheronimus Bosch, visioenen van een genie is van 13 februari tot en met 8 mei te bezoeken in het Noordbrabants Museum.